De helft van de
Nederlanders heeft minder vertrouwen in de politiek na de val van het kabinet.
Bij NSC-kiezers is de
impact van de kabinetsval op het vertrouwen het grootst. Dit blijkt uit een
enquête van Kieskompas en het ANP die is ingevuld door bijna 20.000 mensen.
Begin juni trok
PVV-leider Geert Wilders zijn steun voor de coalitie in en liet daarmee het
kabinet vallen. Bijna twee derde van de kiezers van NSC geeft aan dat hun
vertrouwen in de politiek is afgenomen door de val van het kabinet. Ongeveer 55
procent van de kiezers van PVV, VVD en BBB geeft aan dat de kabinetsval het
vertrouwen heeft geschaad.
Voor kiezers van D66,
Volt en GroenLinks-PvdA is de impact van de kabinetsval op het vertrouwen
beperkter. Ongeveer 40 procent van hun kiezers zegt dat hun vertrouwen in de
politiek is afgenomen na de val van het kabinet.
Ruzie
Mariken van der Velden
is universitair hoofddocent politieke communicatie aan de Vrije Universiteit
Amsterdam. Volgens haar zijn er meerdere verklaringen voor de daling. “Rechts
Nederland werd beleid beloofd waar ze hun vingers bij af kunnen likken, maar
zag dit uiteindelijk niet gebeuren. Ook zagen stemmers dat er continu onderling
ruzie werd gemaakt tussen politici in het kabinet, wat het vertrouwen schaadt.”
De enquête is tussen 2
en 7 juli uitgevoerd door Kieskompas. Het werd ingevuld door een
representatieve groep van 19.319 volwassen Nederlanders. Zij gaven daarin hun
mening over de invloed van de val van het kabinet op hun vertrouwen in de
politiek. Op basis van deze resultaten kan niet worden gesteld dat de val van het
kabinet en het mogelijk dalen van het vertrouwen in de politiek het stemgedrag
beïnvloedt.