
Waterschappen Noorderzijlvest, Hunze en Aa’s, Drents Overijsselse Delta en Vechtstromen vingen in 2020 27 procent minder muskusratten dan in 2019. De vangsten daalden in totaal van 12.726 in 2019 naar 9.254 in 2020.
Dat betekent volgens de waterschappen dat ze de populatie steeds beter onder controle krijgen. Ter vergelijking: in 2011 werden in Noordoost-Nederland nog 65.009 muskusratten gevanagen. Waterschap Noorderzijlvest ving in 2020 in totaal 1616 muskusratten, dat is een daling van ongeveer 30 procent ten opzichte van het jaar 2019.
De beverrattenvangst steeg in Noordoost-Nederland met 55 procent. In 2019 werden 321 beverratten gevangen. In 2020 waren dit er 496.
Ruim 95 procent van de vangsten vindt direct langs de grens met Duitsland plaats. Door de zachte winters van de afgelopen jaren is de beverratpopulatie in Duitsland sterk gegroeid, met als gevolg een toenemende instroom van beverratten naar Nederland.
Door de beverratten direct langs de grens te vangen, wordt zoveel mogelijk voorkomen dat deze zich over heel Nederland verspreiden.
Muskus- en beverratten komen van nature niet voor in Nederland. De dieren, die bij ons geen natuurlijke vijanden hebben, worden gevangen, omdat ze gangen en holen graven in dijken en oevers. Ook maken ze nesten met uitgebreide ondergrondse gangenstelsels. Zo
veroorzaken ze verzakkingen in dijken en kades. In het ergste geval kan een dijk of kade doorbreken en een polder onder water lopen.
De bestrijding van muskus- en beverratten is in ons land bij wet geregeld. Het doel is om de populatie zo klein mogelijk te houden, zodat schade beheersbaar is.





