De PvdA-fractie in Groningen wil dat het stadsbestuur gaat onderzoeken of het heffen van baatbelasting voor investeerders en ontwikkelaars in de gemeente ingevoerd kan worden. Daarvoor dient de partij tijdens het voorjaarsdebat van woensdag een motie in die gesteund wordt door de Partij voor de Dieren, de SP en GroenLinks.
Met deze belasting betalen zij als vastgoed- en grondbezitters mee aan voorzieningen die van publiek belang zijn, maar waar zij zelf ook financieel voordeel van hebben – bijvoorbeeld het herinrichten van straten in de binnenstad of het opknappen van wijkwinkelcentra of bedrijventerreinen. “Als we deze vastgoed- en grondbezitters eerlijk laten bijdragen aan maatschappelijke waarde, hebben niet alleen de inwoners daar profijt van maar ook de eigenaren zelf” aldus PvdA-raadslid Rico Tjepkema.
Eerlijke bijdrage bij profijt
Bij dergelijke gebiedsontwikkelingen zijn vaak grote investeringen in de openbare ruimte en voorzieningen niet alleen wenselijk, maar ook hard nodig stelt Tjepkema: “De leefbaarheid en aantrekkelijkheid wordt enorm vergroot met groen, bankjes, plek om elkaar te ontmoeten en andere voorzieningen. Naast dat onze inwoners genieten van een prettige woonomgeving en plekken om te vertoeven, zal ook de waarde van het bezit van de vastgoed- en grondeigenaren hierdoor stijgen.”
Op dit moment worden grondeigenaren vanuit landelijke wet- en regelgeving gecompenseerd bij afname van de vastgoed- en grondwaarde. Omgekeerd kan dat nog niet. De PvdA vindt het logisch dat in het omgekeerde geval, bij stijging van de waarde van het bezit door keuzes van de gemeente, een deel van dat geld wordt gebruikt voor de publieke voorzieningen. “We staan voor enorme opgaven om onze wijken en dorpen aantrekkelijk, groen en van iedereen te maken. Dat kunnen we alleen met zijn allen door samen te investeren”, zegt Tjepkema. “De landelijke grondpolitiek gaan we hier niet zomaar veranderen, maar met het onderzoeken van baatbelasting kunnen we wel een eerste stap zetten. Daarin willen we dat Groningen vooroploopt.”
(Bron: ingezonden bericht)