“Het deed zeer in de portemonnee,” zegt ze

Foto: Chris Ouboter

“De ramen en deuren kunnen weer wijd open. Het kan nu weer. Alhoewel, als je te maken hebt met iemand die allergisch is voor met name de voorjaarspollen en bloesems dan wordt het een ander verhaal.”

Door Juffrouw Raadgever

“Eerlijk, je moet me geloven, alle ramen worden, zodra ik ze opendoe, achter mijn rug direct weer gesloten. Heel vervelend en toch? Die rode ogen, het vele niesen en nog eens niesen, zielig hoor want het lijkt erop dat echt niets helpt. De neussprays niet. En hij heeft heel wat soorten geprobeerd. Dan maar aan de tabletjes. En warempel, die helpen!Mmaar ja die kleine dingetjes, helaas wordt hij daar zo suf van als een konijn. Staat trouwens ook nog eens op het doosje vermeld. ‘Oppassen met het bedienen van machines en deelname in het verkeer.’ Lekker is dat. Elk voorjaar zijn de beperkingen dus super vervelend. Wie wil er nu niet naar buiten als het zonnetje schijnt? En dan wéét je dat je allergisch bent en dénk je in de bescherming van de auto toch nog iets van al die mooie bloesem mee te kunnen maken, verpesten die vervelende tabletjes het weer. Kunnen ze nu niets anders verzinnen?”

Oké dat was een binnenkomer. Ik had haar eerst niet eens zien staan tot ze begon te praten. Geen speld tussen te krijgen.

Licht uit

Een beetje overdonderd blijf ik staan half in het fietsenschuurtje, half in de gang ervoor. Zachtjes zucht ik eens diep en het schiet door mij heen; vergeet het nu maar. Even snel die haverkoffiemelk halen. Kom op, ontspannen. Misschien heeft zij vandaag haar eigen stem nog niet gehoord en oefent ze nu even de stembanden uit. ‘Waarom nu?,’ kermt het vanbinnen. Hallo, juist nu dus. Dan besluit ik toch maar mijn gezicht te laten zien en trek de fiets verder naar buiten.

“Je moet het licht nog uitdoen hoor,” zegt de stem nu vlak achter mij. “Alles is al zo duur geworden. Ja,” vervolgt ze, “met het uitdoen van de lichten heb je het zelf nog een beetje in de hand.” Volgens mij heeft ze toch hiermee geen gelijk, weet ik. We hebben namelijk van die zonnepanelen op het dak. De gemeenschappelijke ruimtes zoals de hal en de liftruimten, de schuurtjes en de buitenverlichting worden door de opgevangen energie bediend. Maar ik hou mijn mond. Vandaag even geen zin in een energie discussie. Ook omdat ik daar niet echt alles van weet en het zomaar kan gebeuren dat ik sprookjes ga vertellen.

Niet bij iedereen

Gehoorzaam druk ik dus op het lichtknop je en de duisternis valt in mijn schuurtje. Nog voor dat ik mijn fiets weggetrokken heb, om de deur ruimte te geven om die dicht te doen, hoor ik: “Ik moet regelmatig terug omdat ik nooit zeker weet of ik de deur wel op slot heb gedaan.” Met andere woorden ik moet de deur wel op slot doen. In mijn hoofd hoor ik een stemmetje dat zegt: ”Nou, dat vergeet ik nu nooit!”, maar ik hou mijn mond daarover. Ik ben het helemaal met haar eens dat het niet meevalt als je zo vervelend reageert op alles wat groeit en bloeit. De hele winter verlangen we ernaar en dan eindelijk spruit alles uit en zit je weer binnen. Natuurlijk weet ik dat het echt héél erg lastig is en bepaald geen onzin. Je kunt er behoorlijk ziek van worden. Het lijkt een zware verkoudheid maar dan anders. Maar er is een lichtpuntje. Als de wereld er weer groen uitziet is het probleem ook weg, toch? Nu volgens haar niet bij iedereen. En ze heeft gelijk. Niet bij iedereen.

Ik vertel haar dat ik nu toch echt weg moet. Thuis zit iemand met de koffie te wachten en de melk is op, dus. “Och,” reageert ze, “wat is alles toch duur geworden hè? Het tanken loopt al helemaal de spuigaten uit. En de paasboodschappen deden echt zeer in mijn portemonnee. En zoveel extra’s zat er niet bij.” Natuurlijk ben ik het met haar eens en ik knik. Ja ik heb het ook gemerkt. Het wordt allemaal echt duurder. Met één voet op de pedaal geef ik aan toch nu echt weg te willen.

Schuldgevoel

“Leuk dat ik je even zag en kon spreken. Tot gauw. Fijne dag.” Al fietsend voel ik me toch niet echt lekker. Heb ik haar nu zomaar laten staan? En natuurlijk bedenk ik dat ik, later op de dag, nog wel even bij haar kan langs wippen. Ik hoor het mezelf denken, dat ben ik weer hoor. Het laat me niet echt los. Als ik er wat langer over nadenk moet het toch ook wel goed zijn zo, toch? Terug, met mijn boodschap, zie ik haar verderop nog in gesprek. Voor mij een bevestiging; ja het is goed zo.

Met vriendelijke groet,
Juffrouw Raadgever

Reacties

X

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief
Aanmelden

Cookieinstellingen